Start hier / Luisteropstelling

Platenspeler kopen: waar je echt op let

Wat je bij een eerste of tweede platenspeler echt moet weten: aandrijving, element, voorversterker, de plek in de kamer en wat je per prijsklasse mag verwachten.

Leestijd 9 min
Riemaangedreven platenspeler met zwart plateau en open stofkap op een eiken kast tegen een kobaltblauwe muur, bij daglicht uit het raam.

Het probleem: Je wilt een platenspeler kopen, maar elke vergelijking loopt uit op ruzie over losse onderdelen.

De korte route: Kijk eerst hoe je hem gaat gebruiken en waar hij op aangesloten wordt. Elementen en aandrijving komen daarna.

01

Hoe vaak ga je hem echt gebruiken?

Een platenspeler staat in een kamer met stof, trillingen en avonden waarop je haast hebt. Vraag jezelf dus eerst af hoe vaak je er een plaat op legt, en of je het leuk vindt om aan instellingen te sleutelen. Wil je vooral draaien zonder gedoe, dan heb je meer aan een eenvoudige speler die goed staat afgesteld dan aan een ambitieus model dat nooit goed komt te staan.

Denk meteen aan de rest van de keten. Heb je actieve speakers of een eenvoudige versterker, dan is een speler met ingebouwde voorversterker het makkelijkst. Wil je later kunnen uitbreiden, kies er dan een waarbij je die voorversterker kunt uitschakelen of los kunt zetten. Je houdt dan ruimte over zonder dat je vandaag alles hoeft aan te schaffen.

Er is nog een vraag die zelden gesteld wordt: wie bedient hem? Een speler waarbij de arm met de hand op de plaat gaat is voor een geoefende gebruiker vanzelfsprekend, maar in een huishouden waar kinderen of gasten ook een plaat willen draaien, voorkomt een automatische arm meer schade dan hij aan geluid kost.

Achterkant van een platenspeler met twee cinch-aansluitingen, een aardeschroef en een schuifschakelaar, met de losse kabel ervoor op een houten kast.
De achterkant zegt meer dan de voorkant: twee cinch-uitgangen, een aardeschroef en een schakelaar tussen phono en line. Staat die schakelaar erop, dan kan de speler op vrijwel elke versterker of actieve speaker.
02

Riemaandrijving of direct drive

Bij een riemaangedreven speler zit de motor naast het plateau en drijft hij het aan via een rubberen riem. Die riem vangt trillingen van de motor op voordat ze de plaat bereiken, en dat is de reden dat vrijwel alle spelers voor thuisgebruik zo gebouwd zijn. Het nadeel is klein: de riem rekt na een aantal jaren uit en moet dan vervangen worden, een klus van een paar minuten en een paar tientjes.

Bij direct drive zit de motor onder het plateau en drijft hij het rechtstreeks aan. Het plateau komt sneller op snelheid en houdt die snelheid strakker vast, wat dj's nodig hebben omdat zij de plaat met de hand afremmen en loslaten. Voor luisteren thuis is dat voordeel nauwelijks hoorbaar, en de motor zit dichter bij de naald. Een goede direct drive is niet slechter dan een goede riemaandrijving, maar bij een gelijk budget krijg je met een riem meestal de rustigere speler.

Laat je dus niet opjagen door een verkoper die direct drive als hoger segment presenteert. Kijk naar de bouw van de hele speler, en zie de aandrijving als een keuze voor hoe je hem gebruikt: riem voor luisteren, direct drive als je wilt scratchen of mixen.

03

Het element en de naald

Het element, ook wel cartridge, zit vooraan de toonarm en zet de beweging van de naald om in een elektrisch signaal. Vrijwel alle spelers onder de duizend euro worden geleverd met een MM-element, magnetisch beweegbaar, en dat is precies goed: de naald is los te vervangen, het signaal is sterk genoeg voor elke voorversterker en de keuze aan vervangnaalden is groot. Een MC-element klinkt in de hogere klasse verfijnder, maar vraagt een aparte voorversterker en de naald kan niet zelf vervangen worden. Voor een eerste of tweede speler is dat een stap die je later nog kunt zetten.

Belangrijker dan het type is of de naald vervangbaar is en of de vervanging nog gemaakt wordt. Een naald slijt, hoe voorzichtig je ook bent, en een speler met een exotisch element waarvan de naald niet meer leverbaar is, wordt na een paar jaar een probleem. Vraag bij de aankoop welk element erop zit en zoek even op of de vervangnaald gewoon te koop is. Hoe je hoort dat een naald op is, staat in de gids over naald vervangen.

De vorm van de naaldpunt maakt daarna nog verschil. Een conische naald is het goedkoopst en het minst kritisch in de afstelling; een elliptische naald volgt de groef preciezer en haalt meer detail uit een plaat, maar vraagt om een correct ingestelde naalddruk. Voor een beginner is een elliptische naald op een fatsoenlijk afgesteld element de beste balans tussen klank en gemak.

04

De voorversterker: ingebouwd of los

Het signaal uit een element is heel zwak en heeft een correctie nodig voordat een versterker er iets mee kan. Dat doet de phono-voorversterker. Hij zit op drie mogelijke plekken: in de platenspeler, in de versterker (een ingang met het opschrift phono) of in een los kastje ertussen. Je hebt er precies één nodig. Twee achter elkaar geeft een luid, vervormd geluid, geen enkele geeft een zacht, dun geluid zonder bas.

Kijk daarom eerst naar wat je al hebt. Heeft je versterker een phono-ingang, dan kan de speler zonder ingebouwde voorversterker, of met een die je uit kunt zetten. Heb je actieve speakers, een soundbar of een versterker met alleen line-ingangen, dan is een speler met ingebouwde voorversterker de eenvoudigste weg. De schakelaar op de achterkant, meestal met de standen phono en line, bepaalt welke van de twee je gebruikt.

Een speler met een uitschakelbare voorversterker is de veiligste koop, omdat hij mee kan naar een volgende versterker. Bluetooth is een prettige extra als je al draadloze speakers hebt, maar het is een uitgang naast de kabel, geen vervanging: de kabel klinkt beter en werkt zonder koppelen. Heb je hem niet nodig, betaal er dan ook niet voor.

05

Waar het geld verschil maakt

Let vooral op de bouw. Een stabiel plateau, een fatsoenlijke toonarm en een goede afstelling doen meer voor het geluid dan een rij extra functies. Daarna komt het element, het onderdeel dat de groef uitleest. Neem er een met een vervangbare naald, want slijten doet hij hoe dan ook, en dan is vervangen zo gebeurd.

En dan de plek. Zet de speler niet op dezelfde kast als een luidspreker en niet op een meubel dat meegeeft. Een stevige ondergrond helpt de naald om de groef te blijven volgen. Een bescheiden speler op een rustige plek klinkt vaak prettiger dan een dure op een kast die staat te trillen.

Wat je per prijsklasse mag verwachten, verschuift met de tijd, maar de verhoudingen zijn al jaren hetzelfde. Rond de honderd tot tweehonderd euro koop je een volautomatische speler met ingebouwde voorversterker en een vervangbare conische of elliptische naald; die klinkt netjes en vraagt geen kennis. Tussen de driehonderd en vijfhonderd euro krijg je een handbediende riemaangedreven speler met een zwaarder plateau, een betere toonarm en een element dat het waard is om later te verbeteren. Daarboven betaal je voor materiaal, precisie en afwerking, en wordt de rest van de keten bepalend voor of je dat verschil ook hoort.

Een speler in de middenklasse op een goede plek, met een schone plaat en een correct ingestelde naalddruk, klinkt beter dan een dure speler op een wankele kast. Het geld dat je overhoudt is meestal beter besteed aan de speakers of aan platen.

Platenspeler bovenop een boekenplankspeaker op een lichte kast, met een gele doek over de rand, in een Nederlandse woonkamer.
Zo dus niet. Een speler op een speaker krijgt elke bastoon rechtstreeks in de naald, en een lichte kast geeft mee bij elke stap. Dezelfde speler op een zware kast een meter verderop klinkt als een andere speler.
06

Nieuw of tweedehands

Een tweedehands speler uit de jaren zeventig of tachtig kan uitstekend zijn: de bouwkwaliteit van die tijd is vaak beter dan wat je nu voor hetzelfde geld nieuw koopt. Er zitten wel voorwaarden aan. De riem, de naald en soms de lagers zijn versleten, en de vraag is of de vervangende onderdelen nog leverbaar zijn. Reken bij een tweedehands speler dus op een nieuwe naald en een nieuwe riem bovenop de aankoopprijs, en vraag of de arm nog soepel beweegt en het plateau op snelheid komt zonder te zwabberen.

Nieuw kopen levert garantie, een correct afgesteld element en meestal een ingebouwde voorversterker op. Voor wie geen zin heeft om een oude speler af te stellen, is dat het geld waard. Wie het juist leuk vindt om te sleutelen, vindt tweedehands vaak meer speler voor minder geld. De gids over tweedehands platen kopen gaat over de platen zelf; voor de speler gelden dezelfde ogen, plus een oor voor de motor.

07

Koop niet voor een hobby die je niet hebt

Een upgradepad is alleen wat waard als je ook echt gaat sleutelen. Zo niet, dan ben je beter af met een systeem dat meteen af is. Houd liever geld over voor platen, een borstel en een goede plek in de kamer. Daar wordt niemand warm van in een folder, maar het bepaalt wel of de speler een kastobject wordt of iets wat je elke week gebruikt.

Vraag bij de aankoop hoe de speler geleverd wordt. Staat het contragewicht ingesteld? Zit het element er al op? Welke kabel heb je nodig voor jouw versterker? Een verkoper die daar meteen antwoord op geeft, is een beter teken dan een die vooral de duurste specificaties opnoemt.

En als je thuiskomt: zet hem waterpas, stel de naalddruk in op wat de fabrikant van het element opgeeft, sluit de aardedraad aan als er een is, en draai een plaat die je goed kent. Als die klinkt zoals je hem kent, is de rest bijzaak.

Veelgestelde vragen

Welke platenspeler is goed voor een beginner?
Een riemaangedreven speler met een MM-element, een vervangbare naald en een uitschakelbare ingebouwde voorversterker. Volautomatisch als anderen in huis hem ook gaan bedienen, handbediend als je hem zelf wilt afstellen. Belangrijker dan het merk is dat hij goed afgesteld op een stevige, vlakke ondergrond staat.
Heb ik een versterker nodig voor een platenspeler?
Ja, het signaal van een platenspeler moet versterkt worden voordat een speaker er geluid van maakt. Dat kan een losse versterker met passieve speakers zijn, of een paar actieve speakers met de versterker ingebouwd. Daarnaast heb je precies één phono-voorversterker nodig: in de speler, in de versterker of als los kastje.
Is een platenspeler met bluetooth een goed idee?
Als je al draadloze speakers hebt en geen kabel wilt trekken, is het een prettige extra. Het is een uitgang naast de kabel, geen vervanging: via de kabel klinkt dezelfde speler beter en werkt hij zonder koppelen. Heb je geen draadloze speakers, betaal er dan niet voor.
Wat is het verschil tussen een MM- en een MC-element?
Bij een MM-element beweegt de magneet en is de naald los te vervangen; het signaal is sterk genoeg voor elke phono-ingang. Bij een MC-element beweegt de spoel, het signaal is veel zwakker en vraagt een aparte voorversterker, en de naald kan niet zelf vervangen worden. Onder de duizend euro is MM de standaard en de juiste keuze.